Ihre Suchergebnisse

Klassiek Centraal

Rezension Klassiek Centraal 18/11/2019 | Erik Langeveld | November 18, 2019 Schubert en Liszt herboren

De Koreaans Duitse pianiste Jimin Oh-Havenith verrast ons met een Schubert en Liszt CD. Op het eerste gezicht misschien geen voor de hand liggende combinatie. Liszt verklaarde immers Bach en Beethoven tot zijn grootste inspiratiebronnen, maar toch is het geen geheim dat de beide grootmeesters van het 19de eeuwse klavier veel meer met elkaar gemeen hadden dan alleen hun voornaam.

Dat blijkt uit het feit dat Liszt na Schuberts vroegtijdige dood in1828 talrijke van diens composities bewerkte en ook uitvoerde. Het opvallendste is misschien wel dat Liszt ook talrijke liederen bewerkte voor piano solo, waaronder complete cycli zoals Die Winterreise, Die Schöne Müllerin en Schwanengesang. Soms ging zo ver dat hij twee liederen samensmolt tot één nieuw werk.

Maar ook op het gebied van vorm en tonaliteit deed Schubert zijn invloed op zijn jongere collega gelden. Juist op het gebied van de sonatevorm had zijn experimenteerdrift vaak een ambiguïteit in vorm en tonaliteit tot gevolg. Om zijn steeds meer door fatalisme gekenmerkte verhalen te vertellen, was het nodig dat hij zich bevrijdde uit het keurslijf van de sonatevorm. Schubert wilde geen happy end meer in de traditie van Beethoven, waarbij de luisteraar meegesleurd door de heftigste emoties aan het slot van een werk de troost van een catharsis mag ondergaan. Schubert zocht naar de mogelijkheid om een werk te eindigen in de sfeer van het werk. Dat kon berusting zijn, melancholie of zoals in het voorliggende werk een sfeer van stress en gejaagdheid.

Dit leidde tot een nieuw muzikaal principe waarin het eerste deel van de sonate als het ware model stond voor de sonate als geheel. Schubert heeft hier zonder meer een revolutionaire bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de sonatevorm. Zijn innovaties werden later door Schumann, Cesar Franck en Liszt verder ontwikkeld.

Zo is Schuberts idee om de luisteraar mee te slepen door een muzikaal drama aan de hand van terugkerende thema’s, motieven en hun uitwerking bij uitstek het kenmerk van Liszt’s sonate in B klein.

Ook de hier gepresenteerde Sonate no 18 in G, Deutz 894 is een voorbeeld van Schuberts experimenteerdrang. Oorspronkelijk uitgegeven onder de titel Fantasy, Andante, Menuetto en Allegro voor Piano solo, bleek het toch niet om een set afzonderlijke werken te gaan, maar om een klassieke sonate, getuige de vorm en de samenhang van de verschillende toonsoorten.

Jimin Oh-Havenith (Seoul 1960) vierde na haar afstuderen in Frankfurt begin jaren tachtig een voorspoedige carrière als soliste. Ze vormde ook een pianoduo met haar leraar en latere echtgenoot Raymund Havenith. Na diens ontijdige dood in 1993 trok ze zich terug van het podium en beperkte zich tot haar professoraten in Mainz en Frankfurt. Gelukkig besloot ze in 2013 weer als soliste actief te worden. In 2015 verscheen al een CD met werk van Chopin, nu levert ze weer een indrukwekkend visitekaartje af.

Het bijzondere van Oh-Havenith is dat ze totaal wars is van elk uiterlijk vertoon. Ze heeft haar ego aan de kapstok gehangen voordat ze de studio inging. Dat is zeker in deze tijden waarin ijdeltuiten vaak de dienst uitmaken in de muziek een grote verdienste. Het gaat haar om de muziek en de muziek alleen.

Ze is een geboren vertelster, die de luisteraar meesleurt in haar verhaal door haar analytische manier van spelen De verstaanbaarheid van de boodschap staat voorop.

Zoals ze de Schubert’s gevoelswereld weet te treffen, zwalkend tussen reflectie, melancholie en woede, soms dansend, maar altijd beheerst en met een prachtig cantabile, hier en daar versterkt een voorzichtig rubato is wonderbaarlijk en ontroerend.

Oh-Havenith schotelt je alle thema’s, variaties motieven en herhalingen zo lyrisch en muzikaal voor dat je niet anders kunt dan gefascineerd luisteren naar wat ze te vertellen heeft.

Het is alsof Schubert zelf je kamer binnen komt om je nog even het naargeestige verhaal van zijn veel te korte leven te vertellen.

Haar interpretatie van Liszt’s sonate in B klein is zo mogelijk nog indrukwekkender. Dit werk combineert in één grandioos deel alle mogelijkheden van de klassieke sonate, de fuga, het recitatief en de cadens met de onstuimigheid en de waanzin van de romantische periode.

Hier werkt haar analytische, dienende aanpak nog overtuigender, omdat deze Mount Everest van de pianoliteratuur vaak door egotripperij verwordt tot een overstaanbare berg noten. Wie tijdens de periode van de romantische pianist (in de eerste helft van de vorige eeuw) het stuk niet onder de dertig minuten tot een goed eind wist te brengen telde niet echt mee, zo luidt de geschiedenis. Dat kwam de verstaanbaarheid van het werk uiteraard niet ten goede. Alfred Cortot vestigde rond 1925 een record met vijfentwintig minuten, maar sloeg er nog al eens naast. Dat deerde hem overigens allerminst, Cortot was van een klasse apart en kwam overal mee weg.

Anno 2019 legt Oh-Havenith het parcours af in een goed half uur en mag zich op dat vlak dus zeker bij de toppers rekenen. Maar op het vlak van interpretatie staat ze op eenzame hoogte en laat ze menig bejubeld klavierleeuw ver achter zich. Zo’n duidelijke, integere, muzikale en bij vlagen aangrijpende vertolking heb ik nog zelden gehoord. Dit is de virtuositeit voorbij.

Deze sonate gaat over het algemeen door voor lang, gecompliceerd en voor sommigen onbegrijpelijk, maar Oh-Havenith brengt het werk terug tot een gestructureerd verhaal gebouwd op een paar herkenbare thema’s zonder voorbij te gaan aan de lyrische rijkdom ervan. Ze vertelt het in één lange adem. Zo eenvoudig kan het ook zijn.

Dit is Liszt voor dummies én gevorderden. Als je dit stuk (nog) niet of niet zo goed kent dan mag je je na eenendertig minuten aandachtig luisteren een ingewijde in de materie noemen. Wie het stuk al eens een paar keer heeft gehoord, zal in deze moderne, afgestofte interpretatie een herboren Liszt herkennen.

Het Duitse platenlabel Audite valt te prijzen voor het hoge artistieke niveau van dit uiterst boeiende project waarin de relatie tussen Schubert en Liszt op overtuigende wijze wordt uitgediept.

Een project dat is verzorgd tot in de kleinste details. Van de prachtig klinkende Bösendorfer vleugel met zijn ronkende bassnaren tot het bijgesloten zeer informatieve booklet, alles is perfect.

Maar het meest valt de Audite te prijzen voor de moed om te kiezen voor een relatief onbekende, niet zo heel jeugdige, maar geweldige pianiste die met haar integere, vernieuwende aanpak een aangrijpende Schubert presenteert en alle stemmingen, bizarre ideeën en geluidseffecten van Liszt’s eeuwige pièce de résistance moeiteloos weet neer te zetten.

Kostelijk! Daar kunnen veel van haar bekendere collega’s nog wat van opsteken!

Deze CD is een verruiming van ieders muzikale horizon! Briljant, kopen!
www.pizzicato.lu

Rezension www.pizzicato.lu 24/11/2019 | Remy Franck | November 24, 2019 Notizbuch eines Rezensenten – CD-Kurzrezensionen von Remy Franck (Folge 252)

Da fehlt einiges… Franz Schuberts zerrissene Sonate D 894 (Fantasie) spielt die koreanische Pianistin Jimin Oh-Havenith auf einer CD von Audite. Sie paart dieses Werk mit der h-Moll-Sonate von Franz Liszt. In beiden Interpretationen entsteht eher der Eindruck von artistischer Kunstfertigkeit als von künstlerischem Ausdruck. Oh-Havenith spielt virtuos und mit großer Klarheit, sehr strukturell, aber wo Poesie nötig ist, fehlt sie, wo Leidenschaft die Musik prägen sollte, ist diese abwesend. Auch das Hintergründige der Schubert-Sonate kann ich nicht hören. So entsteht vor allem der Eindruck von purer Technik, und für diese kalte Lust am Spiel bin ich nicht zu haben.
Opernwelt

Rezension Opernwelt Dezember 2019 | Uwe Schweikert | December 1, 2019 Anmut und Innerlichkeit

Der erste Eindruck, der sich einstellt, ist Staunen – Staunen über den Glanz der Stimme wie über die Perfektion des Singens. [...] exzellent begleitet von Karl Engel, der diesem Liederabend am Klavier seinen Stempel aufzuprägen weiß. Ein Juwel!
Musica

Rezension Musica N . 311 - NOVEMBRE 2019 | Gabriele Moroni | November 1, 2019 Questi due dischi, per diversi aspetti complementari fra loro, illustrano la...

Gli strumentisti sono bravissimi e fra questi spicca l’italiano Luigi Gaggero al cimbalom, ma nell’insieme è il soprano Viktoriia Vitrenko la figura in primo piano: l’intonazione precisa e accurata (talora Kurtág ricorre ai microintervalli e sfrutta leggeri glissandi) e ` solo un prerequisito, un dato di partenza sul quale la Vitrenko costruisce un’interpretazione caratterizzata da una ricchezza di toni espressivi e da una capacità di recitazione veramente ammirevoli.
Musica

Rezension Musica N. 312 - dicembre 2019 / gennaio 2020 | Alberto Cima | December 1, 2019 Il pianista fiorentino Andrea Lucchesini inizia un progetto in tre parti per...

L’interpretazione di Andrea Lucchesini lascia un segno indelebile. Immenso lo slancio con cui il pianista affronta queste pagine, dando giusta enfasi ai toni passionali insiti nelle composizioni. Trae dallo strumento una sonorità corposa e, nel contempo, delicata al fine di mettere in luce i momenti più intimistici e cantabili. Profonda la sua sensibilità nelle diverse circostanze espressive. Ineccepibile la tecnica, mai fine a se stessa. È un pianista rigoroso, dalla tavolozza timbrica vasta e sfumata. Talento purissimo, colpisce per la precisione e la purezza, non meno che per la maturità del suo stile interpretativo, che associa forza e sensibilità, freschezza e rigore in un equilibrio che appare davvero raro.
Musica

Rezension Musica N. 312 - dicembre 2019 / gennaio 2020 | Stefano Pagliantini | December 1, 2019 Il trio per archi ha sempre occupato uno spazio ben preciso nell’ambito della...

I tre musicisti del Trio Lirico offrono esecuzioni esemplari delle tre difficili composizioni, attraverso un’interpretazione sensibile ed equilibrata, sfoderando suono d’ensemble di grande qualità, e la puntuale valorizzazione dei diversi effetti timbrici voluti dai compositori, dando prova di ottima intesa e di solida capacità di lettura. Una magistrale riuscita che suscita grande emozione ed ammirazione.
Classica – le meilleur de la musique classique & de la hi-fi

Rezension Classica – le meilleur de la musique classique & de la hi-fi N°218 - Déc. 2019-Janv. 2020 | Jérémie Bigorie | December 1, 2019 L’auditeur de bonne volonté trouvera sur Internet, traduits en français....

La voix écorchée et intentionnellement non opératique de Viktoriia Vitrenko renforce ses qualités de conteuse annexant une vaste gamme de sentiments, du petit chaperon rouge apeuré au grand méchant loup affamé. Plus ironique, le cycle d'après des fragments de Lichtenberg explore toute la tessiture (aigus engorgés) de la contrebasse. Nos quatre musiciens allient concentration du geste et dosage dynamique millimétré au service d'un langage délibérément «impur».

Suche in...

...