Ihre Suchergebnisse

Stretto – Magazine voor kunst, geschiedenis en muziek

Rezension Stretto – Magazine voor kunst, geschiedenis en muziek Oktober 17, 2019 | Michel Dutrieue | 17. Oktober 2019 De volledige editie van Edvard Griegs symfonische werken met het WDR Symphony...

De volledige editie van Edvard Griegs symfonische werken met het WDR Symphony Orchestra onder Eivind Aadland is nu verkrijgbaar als een 5 SACD-boxset. Deze editie is vooral overtuigend dankzij de authentieke aanpak van de Noor, Eivind Aadland. Hij dirigeert nl. met veel energie en opwinding, een zeer goed orkest.

Vol. 1 en 2 zijn gewijd aan de originele orkestwerken, terwijl Vol. 3 een deel van de transcripties bevat van werken die Grieg oorspronkelijk voor piano componeerde. Hij orkestreerde ze om als populaire componist en dirigent meer symfonisch materiaal tot zijn beschikking te hebben. Niet zelden overtreffen de transcripties de originelen in termen van volheid en rijkdom aan kleur. Vol. 4 van deze serie combineert het populairste werk van Grieg met zijn minst bekende stuk, zijn Pianoconcerto en zijn Symfonie. Hoewel het pianoconcerto in la klein, hier met Herbert Schuch (foto) als solist, de doorbraak van de 25-jarige componist tot internationale bekendheid was, had hij besloten zijn symfonie in te trekken, slechts enkele jaren eerder geschreven.

Toch overtuigt elke pagina van de partituur ondanks invloeden van Schumann, Gade en Mendelssohn, dankzij Griegs jeugdige inspiratie en uitstekend vakmanschap. Het afsluitend Vol. 5 van de volledige opname van de orkestwerken van Edvard Grieg onthult een minder bekende kant van de Noorse nationale componist, nl. als arrangeur van zijn eigen lyrische en patriottische liederen, hier gezongen door de sopraan, Camilla Tilling (6 Orkestliederen) en de bariton, Tom Erik Lie (Den Bergtekne (De Bergtrol), op. 32), met elegische en dansachtige melodieën. Opgenomen in de Philharmonie en de Bismarck-zaal in Keulen.

Hoewel het grootste aandeel van Grieg aangaande het zoeken naar een eigen Noorse nationale stijl, voornamelijk gebeurde met pianocomposities, componeerde hij prachtige orkestmuziek die wereldwijd veel te weinig gespeeld wordt en (nog) grotendeels onbekend is. De box is de viering van de rijke en veelzijdige esthetiek van Grieg, die een idealistische humanist was en wiens muziek en geschriften de mooie harmonie tussen mens en natuur beklemtoonden. Het gevoel van sentimentele nostalgie en ‘postkaart lyriek’ vaak geassocieerd met Grieg, worden ruimschoots ontkracht en gelogenstraft door de vaak wilde energie, oerkracht, pessimistische emoties en onstuimige romantiek, aanwezig in zijn orkestmuziek. Ontdek daarom het sonoor universum van deze “norsk nasjonalromantisk komponist”.

De Noorse dirigent en violist, Eivind Aadland (°1956) (foto) is concertmeester van het Bergen Philharmonic Orchestra. Aadland was van 2004 tot 2010, chef-dirigent en artistiek leider van het Trondheim Symphony Orchestra en onderhoudt een regelmatige relatie met veel Scandinavische orkesten, waaronder de Oslo en Bergen Philharmonics, Stavanger Symphony en het Zweeds Kamerorkest. Bij Den Norske Opera in Oslo heeft hij producties van Don Giovanni, Le nozze di Figaro, Die Zauberflöte en Die Fledermaus uitgevoerd. Recente seizoenen omvatten optredens met het Orchestre du Capitole de Toulouse, de Zweedse Radio en Melbourne Symphony Orchestras, de Lausanne en Scottish Chamber Orchestras en de Symphony Orchestras van Göteborg, de Finse Radio, SWR Stuttgart en WDR Keulen. Betrokkenheden tijdens het seizoen 08/09 omvatten concerten met het Iceland Symphony Orchestra, Tasmanian Symphony Orchestra en het Queensland Orchestra, Royal Flemish Philharmonic en het Nationaal Orkest van België.

De bijhorende boekjes bevatten interessante teksten van Michael Struck-Schloen (foto) over de composities, een heuse meerwaarde. Michael Struck-Schloen modereert de WDR 3-programma’s “Mosaik”, “Lieblingsstücke” en concerten, “Musik der Zeit”. Hoewel qua uitgave niet echt een primeur, toont de algemene kwaliteit van deze uitgave nog maar eens aan, wat we missen als we de Orkestmuziek van Grieg niet kennen. Een must!
Stretto – Magazine voor kunst, geschiedenis en muziek

Rezension Stretto – Magazine voor kunst, geschiedenis en muziek Oktober 17, 2019 | Michel Dutrieue | 17. Oktober 2019 Van Johann Bernhard Bachs orkestmuziek zijn slechts vier suites overgeleverd en...

Van Johann Bernhard Bachs orkestmuziek zijn slechts vier suites overgeleverd en wel in het handschrift van Johann Sebastian Bach. Deze meerdelige composities zijn gecomponeerd in de stijl van de orkestsuites van Telemann.

Johann Bernhard Bach der Ältere (1676-1749) was een achterneef van Johann Sebastian Bach. Johann Bernhards grootvader, Johann (1604-1673), was nl. de oudste broer van Johann Sebastians grootvader, Christoph (1613-1661). Johann Ambrosius, één van zijn drie zonen, (de andere twee waren Georg Christoph en Ambrosius’ tweelingbroer, Johann Christoph) werd nl. de vader van Johann Sebastian. Johann Sebastians eerste vrouw Maria Barbara (1684-1720) was in diezelfde graad familie van haar echtgenoot en van Johann Bernhard. Háár grootvader Heinrich (1615-1692), de derde en jongste broer, werd nl. de stamvader van de “Arnstadt-Linie”, de voortzetting van de “Erfurter Linie”.

Johann Bernhard Bach werd in 1676, in Erfurt geboren in het huis “Zu den drei Rosen” op Junkersand, en gedoopt in de Erfurter Kaufmannskirche. Net als zijn broer Johann Christoph Friedrich, geboren in 1685, werd hij als kind muzikaal opgeleid door zijn vader Johann Egidius Bach, violist en altist in de plaatselijke “Stadtmusikanten-Kompagnie”. Na een bezoek aan de Schola Mercatorum, werd hij in het najaar van 1690 ingeschreven aan het Ratsgymnasium in Erfurt. In 1695 werd hij organist aan de Kaufmannskirche in Erfurt (foto) en in 1699 verhuisde hij naar de St.-Catharinakerk in Magdeburg.

In 1703 benoemde hertog Johann Wilhelm van Saksen-Eisenach hem tot klavecinist in het hoforkest in Eisenach, en werd hij ook aangenomen als opvolger van zijn oom Johann Christoph Bach, als organist van de Georgenkirche. Van 1708 tot 1712 werkte Johann Bernhard Bach in Eisenach samen met Telemann die toen Hofkapelmeester aan het hof van Hertog Johan Willem van Saksen-Eisenach (foto) was. In 1712 vertrok Telemann naar Frankfurt.

In 1716 trouwde Johann Bernhard met Johanna Sophia Siefer. Het echtpaar kreeg drie kinderen. In 1741 werd het hertogelijke orkest ontbonden, zodat Johann Bernhard Bach daarna tot aan zijn overlijden uitsluitend als cantor werkte. Met zijn beroemde neef Johann Sebastian was Johann Bernhard zijn leven lang bevriend. In 1715 werd hij trouwens peetvader van Johann Sebastians zoon Johann Gottfried Bernhard, terwijl in 1722 Johann Sebastian de peetvader werd van zijn oudste zoon Johann Ernst. Hij was na het overlijden van Johann Bernhard, zijn opvolger als organist in de Georgenkirche in Eisenach (foto). Johann Pachelbel (foto) had invloed op de orgelcomposities van Johann Bernhard Bach. Pachelbel was nl. van 1678 tot 1690, organist in Erfurt. Het is ook bekend dat Johann Sebastian Bach met zijn Collegium Musicum, verschillende composities van zijn achterneef uitvoerde in Leipzig.

Elke Suite bestaat uit een ouverture, gevolgd door vijf tot zeven dansen (Passepied, Gavotte, Sarabande, Rigaudon, Menuet), een Air, een Rondeau, een Fantaisie, of genrestukken als La Joye, Caprice, Les plaisirs of La Tempête. Het Thüringer Bach Collegium geeft met amper elf musici (enkel strijkers, houtblazers en continuo), o.l.v. Gernot Süssmuth, (concertmeester van de Staatskapelle Weimar, Professor aan de Hochschule für Musik „Franz Liszt“ in Weimar en ook violist van het Waldstein Quartett), met de indringende klank van hun historische instrumenten, op een indrukwekkend authentieke manier, sonoor gestalte aan het roemrijk tijdperk van het land van de Bachs. Niet te missen. Schitterend!
Note 1 - Neuheitenheft

Rezension Note 1 - Neuheitenheft November-Dezember 2019 | 1. November 2019 Wahlverwandt

Die Interpretation von Franz Schuberts großer Sonate G-Dur D 894 (1826) und Franz Liszts solitärer Sonate h-Moll {1851-1853) durch die koreanisch-deutsche Pianistin Jimin Oh-Havenith auf dem Label AUDITE lässt den aufmerksamen Hörer erstaunt aufhorchen, denn sie legt hier eine bislang offenbar unbeachtete Wahlverwandtschaft zwischen zwei herausragenden Meisterwerken des romantischen Klavierrepertoires offen.
Diapason

Rezension Diapason N° 684 - Novembre 2019 | Jean-Luc Macia | 1. November 2019 Le nom du prince de Saxe-Weimar n'est pas inconnu aux admirateurs de Bach: quand...

Le nom du prince de Saxe-Weimar n'est pas inconnu aux admirateurs de Bach: quand il était en poste à Weimar, le futur Cantor transcrivit (pour clavecin seul et pour orgue) trois concertos de Johann Ernst (BWV 982, 984 et 987). Ce jeune homme, qui êtait alors le fils de son employeur, est mort subitement à quelques mois de ses dix-neuf printemps en 1715, un an après l'arrivée de Bach dans cet te petite cour très mélomane.

Gernot Süssmuth prend la relève d'Anne Schumann (CPO, cf. n° 644), qui livrait la première intégrale de ses huit concertos pour violon, voisins de ceux d'Albinoni et Torelli (soit l' » antichambre « de l’Estro armonico vivaldien, publié en 1711). Difficile de détecter dans cet Opus 1, composé tandis que le prince étudie auprès de Johann Gottfried Walther, sa personnalité propre. Les concertos sont on ne peut plus brefs (six minutes en moyenne !), avec une thématique passe-partout qu'agrémentent des solos plus extravertis. Incontestablement, Johann Ernst s'appliquait. Un bon artisan privé d'un zeste d'imagination? Pourtant, plage 24 (enfin 1), une mélancolie profonde s'épanouit dans le Largo du Concerto n° 2, seul mouvement à approcher les cinq minutes. Le Bach Collegium de Thuringe a bien fait de prendre ces oeuvres au pied de la lettre. Ses élans francs et son énergie mettent en valeur les rythmes et la verdeur mélodique de ces miniconcertos.

Pour être précis, Bach transcrivit les premier (BWV 982) et quatrième (BWV 987) du cahier. En revanche le BWV 984, qui emprunte explicitement au prince, renvoie à une partition perdue. Süssmuth l'a habilement reconstituêe, sous la forme d'un concerto pour deux violons. Un concerto pour trompette encore plus concis (trois minutes vingt !), attribué sans trop d‘incertitude à Johann Ernst, conclut le CD comme une arabesque éclatante.
Note 1 - Neuheitenheft

Rezension Note 1 - Neuheitenheft Weihnachtsbroschüre | 1. November 2019 Die Einspielung vermittelt nicht nur einen lebendigen Eindruck von den...

Die Einspielung vermittelt nicht nur einen lebendigen Eindruck von den kompositorischen Qualitäten des Herzogs von Sachsen-Weimar, sondern auch vom international ausgerichteten Musikleben am kleinen Weimarer Hof. Die Welt nennt die Aufnahme die „Klassik-Entdeckung des Jahres: Der Sommer ohne diese Konzerte ist möglich, aber sinnlos“.
Note 1 - Neuheitenheft

Rezension Note 1 - Neuheitenheft Weihnachtsbroschüre | 1. November 2019 Die außerordentlich erfolgreiche und vielfach ausgezeichnete Gesamteinspielung...

Die außerordentlich erfolgreiche und vielfach ausgezeichnete Gesamteinspielung der sinfonischen Werke von Edvard Grieg mit dem norwegischen Dirigenten Eivind Aadland und dem WDR Sinfonieorchester ist hier in einer Box zusammengefasst. Bekanntes und Populäres wie die Peer Gynt-Suiten oder das Klavierkonzert stehen dabei neben reizvollen Raritäten wie die überzeugende Jugendsinfonie in c-Moll.
Note 1 - Neuheitenheft

Rezension Note 1 - Neuheitenheft Weihnachtsbroschüre | 1. November 2019 „Man hat fast den Eindruck, dass die Beethovenschen Quartette zu einer Art...

„Man hat fast den Eindruck, dass die Beethovenschen Quartette zu einer Art Droge geworden sind, die die Cremoneser nicht mehr loslässt“, schreibt Pizzicato über die Beethoven-Reihe des Quartetto di Cremona. Auch der Hörer wird schnell süchtig nach dieser berauschenden Interpretation. Um Entzugserscheinungen zu vermeiden, sollte man sich dringend die 8-SACD-Box anschaffen.

Suche in...

...